De minister van Sociale Zaken heeft in een brief verduidelijkt wat de grenzen zijn van het vrijwillig volgen van cao’s. Ongebonden werkgevers (Werkgevers die niet lid zijn van een werkgeversvereniging en ook niet onder algemeen verbindend verklaarde cao-bepalingen vallen) kunnen besluiten een bepaalde cao toe te passen op de arbeidsovereenkomsten van hun werknemers, via een incorporatiebeding.

Maar zij kunnen niet zonder meer alle bepalingen van de betreffende cao toepassen, namelijk niet de afwijkingen van de wettelijke norm die cao-partijen in het kader van de cao-onderhandelingen overeen kunnen komen op grond van het zogenaamde ¾-dwingend recht in afwijking van de wettelijke norm.

Zulke afwijkingen zijn voorbehouden aan werkgevers die zelf partij zijn bij een cao, die via lidmaatschap van één van de cao-partijen direct zijn gebonden aan een cao en/of die via algemeen verbindend verklaring zijn gebonden. De achterliggende reden hiervoor is dat op deze manier het sociaal overleg wordt ondersteund, waartoe Nederland zich ook internationaal verplicht heeft.

In twee specifieke gevallen is desondanks in het verleden aangegeven dat er enige ruimte was, zodat betrokken partijen in de aanloop naar de gewenste situatie daarop alvast vooruit konden lopen. Het ging in deze gevallen om overgangssituaties waarbij een beperkt aantal werkgevers bij invoering van de Wet werk en zekerheid nog niet voldeed aan de vereisten van betrokkenheid bij en gebondenheid aan de cao, terwijl dit wel beoogd werd. In het ene geval omdat een werkgeversvereniging nog in oprichting was, in het andere omdat een algemeenverbindendverklaring nog niet was afgegeven.

Door de context van deze specifieke gevallen in het verleden nader te schetsen wil ik benadrukken dat individuele, ongebonden werkgevers, wanneer zij een cao vrijwillig volgen, geen gebruik kunnen maken van de in die cao overeengekomen afwijkingen van ¾-dwingend recht.

Tweede Kamer, vergaderjaar 2018–2019, 34 108, nr. 30 3, (Bekijk artikel).

Dit nieuwsbericht is geschreven door mr. dr. Esther Koot-van der Putte, eigenaar van Cao-recht Advies en Opleiding (www.cao-recht.nl).